Piepei

Toen ik klein was mocht ik rond Pasen altijd eieren verven met mijn moeder. Ik geloof dat we sommige eieren met de hand versierden, maar het grootste deel van de eieren verfden we met tabletjes die  je in de pan bij de eieren moest laten oplossen en die zo hun kleur verspreidden. Blauw, groen, geel, rood – misschien waren er nog meer kleuren, maar dat kan ik me niet herinneren. Ik weet wel dat ik het heel fascinerend vond en ik kan ook nog de schaal voor me zien waarin ze daarna op de met narcissen versierde tafel stonden.

Het laatste jaar waarin we eieren hebben geverfd, koos mijn moeder bij het ontbijt een ei uit dat mooi oranje-geel was van binnen. Ik had minder geluk met mijn (geel-groene) ei.  Ik pakte nog een ei, in de hoop net zo’n mooi ei te treffen als mijn moeder, maar het zat niet mee. Het zou verstandig zijn geweest om op dat punt te stoppen, maar in mijn hoofd klonk een narrig stemmetje, dat zei: ik eet net zo lang door tot ik een lekker ei tref!

Hoeveel eieren ik daarna nog heb gegeten, weet ik niet meer. Ik heb het idee dat het er heel veel waren, al kan ik me eigenlijk niet voorstellen dat mijn moeder dat goed zou hebben gevonden. Ik kan me ook niet meer herinneren of ik aan het einde van een rit nog een mooi ei heb bemachtigd, maar lekker zal ik zelfs een mooi ei op dat punt niet meer hebben gevonden.

Het gevolg van mijn dwangmatige eetzoektocht naar een oranje-geel ei is dat ik sindsdien vrijwel nooit meer een gekookt ei eet. Bizar eigenlijk, dat zoiets sufs nog jarenlang zo’n impact kan hebben.  Jammer ook dat het me met chocola en andersoortige ongezonde verleidingen nog nooit is gelukt om datzelfde resultaat te bereiken. En nee – voor ik mezelf op verkeerde ideeën breng – dat betekent níet dat ik nog nooit genoeg chocola achter elkaar heb gegeten.

Maar het ging over eieren. Goedgelukte eieren en hardgekookte eieren. En dat ik niet van hardgekookte eieren hou. Of althans: dacht te houden, want sinds kort weet ik dat wat ik onder een hardgekookt ei verstond, helemaal geen hardgekookt ei is, maar een te-hardgekookt ei. Een hardgekookt ei dat ik uit de pan haal als ons ‘Delfter piepei’ de eerste noten van het Wilhelmus nabootst, is namelijk niet geel-groen; maar machtig mooi oranje-geel. Of ik nu vaker een gekookt ei ga eten? Wie weet…

Nooit van een piepei gehoord? Zie dan dit filmpje van het kanaal Dutch Heritage op YouTube:

3 gedachten over “Piepei”

  1. wij verven nog elk jaar eieren, en nu zeker met de kinderen. Mijn moeder kookte 100 of meer eieren vroeger, geverfd met die tabletjes in kleurcodes. Donkerblauw en groen werden hardgekookt, geel en wit zacht, etc. Maar het ging vaak mis, werden ze allemaal te hard, en was het lastig zoeken naar zachte eieren. We pelden en aten de hele dag. Je kunt ook de ruzies en discussies die daarbij hoorden voorstellen… Na de basiskleur werden ze ook nog allemaal met de hand geverfd. Een hele middag werk! En dan ruzie met je broertje maken die net jouw mooiste ei opat! O at heerlijk zo gaan we het zelf ook doen dit jaar. Tijm en Linde zijn er klaar voor, en oma ook, want daar logeren we dit jaar.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.