Lampionnetje

Eigenlijk zouden we dit jaar niet gaan. Maar ja, Bloem had dit jaar maar liefst twéé hele mooie (bijna) zelfgeknutselde lampionnetjes – nog één van het kinderdagverblijf èn een van de eerste week op school. Uiteindelijk hebben we dus toch maar een klein rondje gemaakt. En het liedje ‘lampionnetje’ dat we vorig jaar hadden ingestudeerd was nog steeds een succes.

Bonkje & Bloem zingen ‘Lampionnetje’
Lampionnetje, lampionnetje
schijn maar in de donk’re nacht
als een sterretje
als een zonnetje
licht heeft veel geluk gebracht.

Dat het maar een klein rondjes was, was overigens niet te zien aan de hoeveelheid snoep die de dames hadden opgehaald – bijna overal ‘mochten ze nog wel wat pakken’. Gelukkig telde ik ook nog een paar mandarijnen.

Toen ik Bloem voorstelde dat ze misschien ook opa en oma, die op dinsdag altijd komen, ook iets uit haar snoeptrommeltje kon geven, keek ze een beetje bedrukt. Haar gezichtje klaarde echter op toen ze zich de mandarijntjes herinnerde: die mochten opa en oma wel hebben. Delen valt niet mee.

Twee Sinten en een baby’tje

Als peuter van drie is het soms best hard hollen met je kleine beentjes om je grote zus van negen bij te benen. Vooral aan het eind van het jaar gaat het in een rap tempo.
Eerst heb je op het kinderdagverblijf een mooi egeltje geknutseld. Een lampionnetje. Voor ‘Sint Maarten’ – wat of wie dat dan ook moge zijn. Je grote zus heeft dit jaar op school voor het eerst géén lampion gemaakt maar wil dit feest eigenlijk echt niet missen. Zeker als je thuis niet zo vaak snoep krijgt, is het natuurlijk walhalla. Mama denkt terug aan haar eigen kindertijd, strijkt dan met haar hand over haar hart. Vooruit dan maar, ze wil wel met jullie langs de deuren als het Sint Maarten is. Voorwaarde is dat je grote zus dan nog wel zélf een mooie lampion maakt. Een beetje moeite mag je er wel voor doen. Je zus zoekt mooi paars karton uit, een sjabloon met hondjes en verschillende kleuren vliegerpapier. Samen met mama drukt ze de patronen van de hondjes en hondenpootjes uit het karton (een naald en een opgevouwen handdoek onder het karton dienen als alternatief priksetje). Mama vindt het ook niet leuk als jullie alleen de geijkte liedjes kennen, dus leren jullie nog een ander liedje: ‘Lampionnetje’. Een oude mevrouw is helemaal ontroerd – zo’n kleintje heeft ze nog niet aan de deur gehad – en zo’n mooi liedje heeft ze ook nog niet eerder gehoord.

Bonkje & Bloem zingen ‘Lampionnetje'(.wma)’

Sint Maarten is nog maar nauwelijks achter de rug als Sinterklaas aankomt in Nederland. Samen met je zus mag je soms naar het Sinterklaasjournaal kijken. En je schoen zetten! De eerste avond zing je Sint-Maartenliedjes bij je schoen. Gelukkig helpt je grote zus je bij het leren van Sinterklaasliedjes (In januari zing je nog heel vaak Sinterklaasliedjes, die je nu eindelijk – net iets te laat – goed kent).

En alsof dat nog niet genoeg geweest is allemaal, vieren we ook nog de geboorte van ‘baby’tje-s-Jezus’. Dat vind je wel heel mooi. ‘Baby’tje-s-Jezus is op aard hè?’. Op een dag sta je al helemaal klaar om de deur uit te gaan, om een cadeautje te kopen. Want als er een baby’tje is geboren, ga je op kraamvisite. En daar hoort een cadeautje bij.