Een kwestie van geloof

 

Tijdens het avondeten kan het gesprek over van alles gaan.
‘Geloven jullie in God?’
‘Nee, ik geloof niet in God.’
‘Oh, ik wel. En geloven jullie in die knal?’
‘De oerknal bedoel je? Ja, daar geloof ik wel in.’
‘Geloven jullie dat echt?!’ – Bonkje kijkt ons vol ongeloof aan en zegt dan stellig: ‘nou, daar geloof ik dus ècht niet in!’

Behalve God kan ook een zekere heiligverklaarde bisschop uit Myra nog steeds op een rotsvast geloof rekenen. Vorig jaar vroegen we ons al wel eens af hoe lang dat geloof nog stand zou houden, maar zodra Bonkje ergens vraagtekens bij plaatste, wist ze er meteen wel weer een plausibele verklaring voor te bedenken. En soms is de bewijslast van buitenaf ook wel heel sterk – bijvoorbeeld als je Sinterklaas met eigen ogen jouw naam in zijn nieuwe grote boek ziet schrijven.

En Bloem?
Bloem kijkt mee naar de man met de baard (‘Dat is Sinterklaas’, zegt Bonkje) en naar de pieten die allemaal mooie gekleurde mutsen hebben. Het duurt wel een beetje lang (Sssst! zegt Bonkje). Maar dan mag ze net als Bonkje haar schoen voor de tuindeur zetten. En, terwijl ze net als Bonkje van haar ene been op het andere probeert te wippen (zo hoort dat blijkbaar), zingt ze liedjes met haar. Het is helemaal niet erg als ze een liedje niet kent, want dan luistert ze gewoon goed naar haar grote zus en dan doet ze het na. Het is wel vervelend dat ze die appel niet uit haar schoen mag pakken (‘Nee, die is voor het paard’, zegt Bonkje – het paard? waar?), maar de volgende dag zit er plotseling een mandarijn in, die ze wél mag pakken. En mag opeten. Wat een feest! Oh, en kijk eens, Bonkje heeft de schoen omgekeerd en er komen ook nog een paar ronde minikoekjes uit, mjam! En onder de schoen ligt ook nog een pakje! Een pakje voor Bloem? Hoera, het is een boekje van Nijntje!

‘Nijntje tieguig! Kijk, mama! Mama, Keta kantie weest! In tieguig weest! Vlogen! Savia kantie weest!’

God? De oerknal? Sinterklaas?
Bloem maakt zich er niet druk over. Bloem beleeft en geniet.

*****
Meer Sinterklaasverhalen? Zie:
Teloorgang van de roe (november/december 2008)
Ruilhandel (Sinterklaas 2009)
Babypiet als postpakket (20 november 2010)
Hoofdbrekens voor Hoofdpiet (21 november 2010)

Hoofdbrekens voor Hoofdpiet

‘Wat doe je?”
‘Ik schrijf een brief aan Hoofdpiet. Of ‘ie nu wel tijd heeft om te antwoorden. Want ik wil wél een antwoord.’
Ja, Hoofdpiet, ‘t is maar dat je het weet: zó makkelijk laat Bonkje zich niet afschepen.

‘En wat is dat?’
‘Dat is voor de Huispiet. Kijk, ik heb een pakpapiertje gemaakt met sleutels erop. Het is een soort tasje. En ik heb erop geschreven: voor Huispiet: een sleutel. Mooi hè?’
‘Ik kan het niet zo goed zien vanaf hier. Laat eens kijken?’
Bonkje komt naar me toe en duwt haar knutselwerk onder mijn neus.
‘Zo, mooi hoor. Maar behalve de sleutel zit er nóg iets in, wat is dat dan?’
‘Dat is een briefje aan de Huispiet. “Vraag. Van welke deur was de sleutel?”‘

Het past allemaal nog net in haar schoen: een appel voor het paard, een versierd hart van A-4-formaat voor Sinterklaas, het briefje voor Hoofdpiet en het pakket voor Huispiet.
Als ik niet beter wist zou ik zou bijna denken dat ze inmiddels door heeft hoe de vork in de steel zit en dat zij óns nu voor de gek houdt.
‘Haha, ik stop vandaag lekker twéé vragen in mijn schoen, kijken hoe ze zich daar uit redden!’

Babypiet als postpakket

Bonkje heeft vanavond een briefje aan de Hoofdpiet in haar schoen gedaan.

Voor Hoofdpiet
Hoofdpiet ik word heel erg boos
als je de babypiet meestuurt met de post.
Dat vind ik zielig dus niet doen.
Van Bonkje

En zo zorgt het Sinterklaasjournaal ook voor leuke verrassingen voor papa’s en mama’s, want dochterlief verwacht nu natuurlijk een antwoord. En dat antwoord moet wel aansluiten bij de volgende aflevering, die pas overmorgen wordt uitgezonden. Lastig, als je geen idee hebt wat voor ontwikkelingen er dan weer aan het licht zullen komen. Tijd voor een klein zijspoortje langs de grote lijn.

Dag Bonkje,
Dank je wel voor je brief.
Hoofdpiet heeft helaas geen tijd
om te antwoorden. Hij moet
Wellespiet helpen bij het verschonen
van de babypiet. Wist jij dat
babypieten hele vieze luiers kunnen
maken? Bah.
Schoolschriftpiet.

*****
Zie ook:
Hoofdbrekens voor Hoofdpiet (21 november 2010)
Teloorgang van de roe (november/december 2008)

Ruilhandel

Het belangrijkste nieuws bij ons thuis in de laatste twee weken van november en de eerste week van december, wordt gebracht door het Sinterklaasjournaal. Elk jaar gaat er van alles mis en proberen de zwarte pieten alles op te lossen zonder dat Sinterklaas er lucht van krijgt. Vaak is de hulp van de kinderen in het land daarbij onmisbaar.

Ook dit jaar is het spannend of het allemaal wel in orde zal komen voor het pakjesavond is.
De stoomboot is onderweg naar Nederland in zwaar weer terecht gekomen, waardoor een heleboel pakjes overboord zijn gewaaid. Gelukkig hebben de zwarte pieten alle pakjes weten te redden door er in roeibootjes achteraan te gaan, maar doordat ze nat waren geworden zagen de papiertjes die om de pakjes heen zaten er niet meer uit. Daarom hebben de pieten de papiertjes er allemaal afgescheurd, maar ja – toen hadden ze geen pakpapier meer. Gelukkig kreeg de hoofdpiet een geweldig idee. Hij vroeg alle kinderen om zélf pakpapiertjes te maken met hun eigen naam erop en die in hun schoen te stoppen, zodat de pieten die papiertjes konden gebruiken om de cadeautjes in te doen. Ook Bonkje ging ijverig aan de slag met stiften en stempels en toverde het ene pakpapiertje na het andere tevoorschijn.

Eind goed al goed? Nee, want het is nog geen pakjesavond en traditiegetrouw móest er dus wel een nieuw probleem ontstaan.
En ja hoor. Samen met Bonkje keek ik naar het Sinterklaasjournaal terwijl Bloem aan mijn borst lag te drinken. In de pakjeskamer waren de pieten druk bezig met het opnieuw inpakken van cadeautjes in prachtige papiertjes. Maar o jee, plotseling waren de cadeautjes op. In de hele pakjeskamer was geen cadeautje meer te bekennen. Alle kinderen hadden zoveel pakpapier gemaakt, dat de pieten teveel cadeautjes in de schoenen hadden gedaan.

‘O oh, hoe moet dat nou?’ – vroeg ik aan Bonkje. ‘Zou je nu helemaal geen cadeautjes meer krijgen op pakjesavond?’
Bonkje keek me even nadenkend aan en zei toen zelfverzekerd:
‘Jawel! Ik ga de hoofdpiet een brief schrijven want ik heb een oplossing bedacht. Ik stop gewoon iets in mijn schoen dat ik niet meer nodig heb en dan geef ik dat aan de zwarte pieten.’
‘Zodat die weer cadeautjes hebben?’
‘Ja!’

Vanavond mocht Bonkje haar schoen weer zetten en voegde ze de daad bij het woord.

beste hof
piet (hoofdpiet) ik
hep (heb) en (een) opl
osin. (oplossing)
vor (voor) de kaado
otes (cadeautjes) as (als) ne (nu?)
nou iedure
en. (iedereen)
die kinderdingunn (kinderdingen)
die zu (ze) niet
mir (meer)

Op dit punt ging het schrijven van de brief wel erg lang duren en moest ze van ons echt naar bed, dus heeft ze het laatste deel aan manlief gedicteerd:

‘… nodig hebben, bijvoorbeeld een schaar, (…)
dan doe je die in je schoen en geef je hem aan de zwarte pieten.’

Ze heeft een potlood waar je een knoop in kunt leggen – en waar nog nooit een punt aan geslepen is – naast het briefje gelegd.

Zie ook: Teloorgang van de roe (Sinterklaas 2008)
Nieuwsgierig hoe de naam Bonkje is ontstaan? Lees dan het eerste Bonkje verhaal