Mokerslagen

Links en rechts vallen de mokerslagen.
Afgelopen jaar verloren vrienden hun kindje. Ze was helemaal voldragen en kon elk moment geboren worden, toen in 39e week bij de controle bij de verloskundige bleek dat haar hartje niet meer klopte. Na haar geboorte hebben ze haar ontzettend liefdevol in hun midden gekoesterd en na de crematie namen ze haar as weer mee. Geen moment alleen, in de steek gelaten; maar de tijd tikte voor hun jongste dochtertje niet meer verder.

Daar zit je dan, met pijnlijke borsten die je niet leeg mag kolven; je schoot leeg na negen maanden samenzijn – en in plaats van luiers met meconium en beschuit met muisjes moet je je bezighouden met het uitzoeken van een kistje. Daar sta je dan, klaar om na negen maanden je dochter in je armen te houden, haar oogjes open te zien gaan – maar in plaats van gebroken nachten vanwege het gehuil kan je niet slapen door de leegte.
Daar is ze dan, het kleine babyzusje, waar je alledrie zo naar hebt uitgekeken. Maar ‘ze doet het niet. Ze is kapot!’

Afgelopen jaar verloor een studievriendin haar broer. Hij had al eerder geknokt tegen manische depressiviteit, geknokt om overeind te blijven en daarna was het juist ook een tijd heel goed met hem gegaan. Maar dit keer verloor hij het gevecht. Een paar dagen voor zijn dood zei hij tegen mijn vriendin dat hij het gevoel het dat het hem ontglipte. Hij was 39.

Vandaag was ik er getuige van hoe een kleuter van 4 en een peuter van 2 hun vader moesten begraven – en hun moeder, een oud-collega met wie ik bevriend ben geraakt, haar man. ‘Waar is papa?’ Papa lag in een kist; een kist die ze zelf hadden versierd met hartjes en tekeningen. Drie jaar geleden werd hij onderzocht omdat hij klachten had, maar werd er niets gevonden. Anderhalf jaar geleden kreeg hij zulke ernstige klachten, dat hij opnieuw werd onderzocht – en dit keer bleek dat hij darmkanker had en dat er ook uitzaaiingen waren. En na een lang en slopend traject, is hij vorige week overleden. Ook hij was 39.

Ik zie de pijn en het verdriet. Voel de machteloosheid. Ik zie de ongelijkheid. De ene mens krijgt toch heel wat meer te verduren dan de ander. Waarom? Ik weet het niet. Misschien is er wel geen waarom. Op de rouwkaart en het programma van vandaag stond een citaat uit Terry Pratchett’ Discworld Novels:

There’s no Justice. There’s just Me.
– Death

Maar hoe, hoe verwerk je zoiets? Hoe ga je om met het enorme gat? Hoe ga je om met de pijn dat je kinderen verder moeten zonder vader? Hoe blijf je overeind?

Ik slik en ik sla mijn armen nog maar eens heel stevig om mijn man en dochters heen. Zoveel leed doet je weer even haarscherp beseffen dat geluk niet zo vanzelfsprekend is als je soms denkt. Wat ben ik ongelofelijk dankbaar dat wij wel gezond en samen zijn. Wat een onbeschrijfelijke en niet in geld uit te drukken rijkdom…