Zusjes

– Kiekeboe!
– ghrr
– KIEKEBOE!
– ghr krg
– KIEKEBOEOEOE!
– ughri krgigrigri

Bonkje staat bij de box en doet kiekeboe.
Niet zoals wij het doen, heel rustig, maar in de vijfde versnelling – met bijbehorend geluidsniveau.
Bloem kraait van plezier en wiebelt met haar armpjes en beentjes.
Hoera, succes!
Aangemoedigd door Bloems reactie doet Bonkje (stuiter de stuiter) er nóg een schepje bovenop.

– KIEKEBOE KIEKEBOE KIEKEBOEOEOE!!!
– krgighigrhigr aagragrrrr kgrr kughrr
Bloem verslikt zich bijna van het lachen.
Wat heeft Bonkje in retrospectief een saaie babytijd gehad – met alleen maar een papa en mama om op een hele verantwoorde en gezapige manier kiekeboe mee te kunnen spelen. Gelukkig had ze Zoeff nog om naar te kijken – en om stiekem rozijntjes aan te voeren toen ze iets groter was.

Bloem zit op schoot, Bonkje op een bureaustoel die kan draaien voor haar neus.
En draaien doet ze – de stoel valt nog net niet om.
– Leuk hè, Bloem? (draai) Dat vind jij leuk he? (draai) Leuk als je grote (draai) zus zo doet hè? (draai)
– krgighigrhigriii gri kgrrie
– Ja hè Bloem? (draai)
Bloems kleine lijfje schudt op en neer van de pret terwijl Bonkje steeds onstuimiger wordt.

Bonkje en Bloem zitten achterin de auto.
– APFOEOEH!
– ghr krgi
– APFOEOEH!
– ughri krgigrigri
– APFOEOEOEOEOEH!!!
– ughr ieieieie
– APFOEOEOEOEOEOEOEOEH!!!
– Bonkje! Niet zo hard! – krgighigrhigr aagragrrrr kgrr kughrr
– APFOEOEOEOEOEOEOEOEOEOEOEOEH!!!
– Bonkje! – krgighigrhigr aagragrrrr kgrr kughrriiii
Tja, als je zo’n succes hebt bij je kleine zusje, dan valt het ook niet mee om te luisteren naar dat gezeur van je ouders….en Bloem vindt het toch heel leuk? Dus waarom is het nou weer niet goed?!!! Tsssk!

Bloem zit in haar wipstoeltje.
– Ik vind haar zo schattig – ik zou haar het liefst helemaal willen platknuffelen, maar dat doe ik niet, want ze is nog veel te klein.
– Heel goed lieverd.
– Hallo Bloem! Hier is je grote zus! Je grote zus gaat jou een kusje geven!
Bonkje zet haar handen op de wipstoel die meteen flink naar beneden buigt, geeft Bloem een kusje en laat de wipstoel weer los, waarna Bloem bijna gelanceerd wordt – ware het niet dat ze goed vast zit.
– krgighigrhigr aagragrrrr kgrr ie
– Bonkje! Niet zo hard leunen! Kijk nou!
– Ik leun helemaal niet hard!
– Jawel, dat kan ik toch zien.
Boos loopt Bonkje de kamer uit.

Het valt niet mee om grote zus te zijn.
Maar ook niet om ouder te zijn. Het is soms zoeken naar de grens – wat kan je nog toelaten en wanneer moet je ingrijpen voordat er echt een keer ongelukken gebeuren?
Of voordat je echt doof wordt.

Gelukkig is de lucht snel weer geklaard.
Bloem begint te stralen als haar grote zus de kamer weer in komt.
– ie ie ie
Verwachtingsvol trappelt ze met haar beentjes…

Nieuw

Ieder jaar gaan we een lang weekend weg met een groep vrienden die ooit begon als groep van vijf studenten in een jaarclub, daarna uitbreidde naar studenten-met-aanhang en inmiddels bestaat uit vijf getrouwde stellen en elf kinderen in de leeftijd van 0 tot 10 jaar.

De weekenden zien er inmiddels iets anders uit dan in het begin maar het inpakken vóór het weekend begint is gebleven. Bij dat inpakken moet er goed worden opgelet. Vorig jaar bleek namelijk, toen we op de plaats van bestemming waren gearriveerd, dat we de tas met Bonkjes pyama, schone kleren, bedknuffel en laarzen thuis hadden laten staan. Waarna we – zodra de winkels de volgende dag open waren – maar een nieuwe garderobe voor haar hebben aangeschaft.

Tot haar grote geluk kreeg ze toen we terug kwamen bij het vakantiehuis bovendien nog een set met zeven Hello-Kitty-onderbroeken van onze vrienden, voor het geval wij geen kledingwinkel hadden kunnen vinden.

Hoewel Bonkje het leuk vond om nieuwe kleren te krijgen, is ze toch een beetje bezorgd of het dit jaar wel goed zal gaan. Als alle bagage beneden in de hal staat, hoor ik haar tegen manlief zeggen dat we niet moeten vergeten om Bloem mee te nemen, die nog in haar bedje ligt.

‘Nee hoor,’ zegt manlief, ‘we vergeten jou toch ook niet?’
‘Ja, maar Bloem is nog nieuw’ antwoordt Bonkje.
Ik moet er stilletjes om lachen.
‘We vergeten haar niet – we zijn jou, óók toen je zo klein was als Bloem nu is, nog nooit vergeten.’

Bonkje is gerustgesteld – een nieuw babyzusje kan je tenslotte niet kopen.

Bloemstelen

Het is zondag, vroeg in de ochtend. Ik zit Bloem te voeden in haar kamertje. Bonkje is wakker geworden en is er bij komen zitten. Ze zit op een kleuterstoeltje dat Bloem van mijn schoonouders gekregen heeft. Ze heeft het zo dicht mogelijk naast mijn stoel geschoven.

“Dit stoeltje zit niet zo lekker. Het is ook een beetje te klein voor mij. Mijn zitzak zit veel lekkerder.”
Inwendig moet ik een beetje lachen. In de huiskamer staan drie stoeltjes van hetzelfde formaat waar Bonkje nog dagelijks zonder problemen op zit. Maar de – roze – zitzak die ze van Sinterklaas heeft gekregen voor in haar nieuwe kamer is inderdaad een stuk groter.
“Jullie mogen ook op mijn zitzak zitten.”
“Dat vind ik wel fijn.”
“En dat doe je ook hè, als je voorleest?”
“Ja.”

Ze kijkt naar Bloem, die nog steeds ligt te drinken en wil haar een kusje geven, maar bedenkt zich dan, want ze weet dat ik dat niet goed vind tijdens het voeden.
Dan geeft ze mij een zoen.
“Jij houdt altijd van mij, ook als je boos bent.”
“Ja, ik hou altijd van jou. Ik vind je niet altijd lief, maar ik hou altijd van jou.”
“Jij bent de allerliefste mama van de hele wereld en Bloem is de allerliefste baby en papa de allerliefste papa. En ik ben zelf ook de allerliefste. Vind jij ons ook de allerliefste?”
“Jullie zijn mijn schatten.”

Bonkje knikt tevreden. Ze loopt de kamer uit om even later al sluipend terug te komen. Ze schijnt nog steeds te denken dat ze dat heel onopvallend kan.
Ik ben behoorlijk moe en heb geen puf om het spelletje mee te spelen, dus komt ze al snel weer naast me zitten.

“Als Bloem groot is, krijgt ze dan ook een nieuwe kamer?”
“We hebben geen nieuwe kamer meer.”
“Maar ze krijgt wel een nieuw bed? En dat komt hier?”
“Ja, als ze groter wordt dan krijgt ze een ledikantje. In deze kamer.”
“Ja, dat weet ik. Dan krijgt ze een bed met stelen hè?”
“Met spijlen.”
“Ik hoef geen bed met stelen meer, want ik ben al een groot kind. Ik ben zes jaar ouder dan Bloem.”
“Ja, jij bent al groot.”
“En als Bloem één jaar wordt, dan…” – Bonkje moet even rekenen – “… ben ik al zeven! En hoe oud ben ik als Bloem zeven is?”
“Dan ben jij zeven plus zes jaar. Want jij blijft altijd zes jaar ouder.”
Weer is het even stil.
Bonkje telt op haar vingers en roept dan verrukt: “dan ben ik al dértien! Dan ben ik echt héél groot!”

Bloem laat de borst los.
Bonkje hangt meteen boven haar om haar te overladen met kusjes en streeltjes. De streeltjes zijn een beetje onstuimig.
Bloem begint te huilen.
“Stil maar, Bloem, stil maar, ik ben het, je grote zus! Dat vind je leuk hè, als je mijn stem hoort?”
En warempel, het lijkt te werken. In ieder geval voor even.

Pril geluk

maandag 9 november 2009

Een samenvatting

Dag 1: 07.00 – 08.00 – 11.00 – 14.00 – 17.00 – 20.00 – 23.00.
Dag 2: 03.30 – 06.00 – 09.00 – 12.00 – 15.00 – 17.30 – 21.00 -23.00 – 24.00.
Dag 3: 02.00 – 06.00 – 09.00 – 12.00 – 16.00 – 18.30 – 21.00 – 24.00.
Dag 4: 03.00 – 06.00 – 07.00 – 10.00 – 13.00 – 16.00 – 20.00 – 23.30.
Dag 5: 03.00 – 06.00 – 09.30 – 13.30 – 16.30 – 18.30 – 21.00 – 22.00.
Dag 6: 01.00 – 04.00 – 08.30 – 12.00 – 15.00 – 17.30 – 19.30 – 22.30.
Dag 7: 02.00 – 05.00 – 08.30 – 11.30 – 15.30 – 18.30 – 20.30 – 23.00.
Dag 8: 02.00 – 06.30 – 09.30 – 12.00 – 15.30 – 18.30 – 21.00 – 22.30.
Dag 9: 02.00 – 05.00 – 08.30 – 12.00 – 13.00 – 16.00 – 20.00 – 21.00 – 22.00.
Dag 10: 01.30 – 05.30 – 09.00 – 12.00 – 15.00 – 18.30 – 20.00 – 21.00 – 24.00.
Dag 11: 04.10 – 08.15 – 11.15 – 13.15 – 14.15 – 17.00 – 20.45 – 22.45.
Dag 12: 01:00 – 05.45 – 09.15 – 12.15 – 16.15 – 19.05 – 23.25.
Dag 13: 03.50 – 08.15 – 11.30 – 15.15 – 18.45 – 23.15.
Dag 14: 03.30 – 07.30 – 09.45 – 12.45 – 15.30 – 17.35 – 20.25 – 22.22.
Dag 15: 01.30 – 03.00 – 04.30 – 08.45 – 13.00 – 16.40 – 20.10 – 23.45.
Dag 16: 03.45 – 06.45 – 08.30 – 11.15 – 13.00 – 16.00 – 19.45 – 23.25.
Dag 17: 02.15 – 05.40 – 09.20 – 11.45 – 15.30 – 17.30 – 20.00 –

Wallen onder onze ogen. Maar wat een rijkdom, wat een geluk.
Bonkje heeft een zusje!